(uit de onplubiceerbare bundel : Alledagenindeweekgelegd)
je leest ze luttel
de buitengewone juweeltjes als
beurtbalkjes, tittels, vagitanus of kwiklokje
of de verdwenen oude schatjes, je hoort ze node
tenzij vantijd in de late achternoen
verwijlend achter de Leuvense Stoof
de Goudvingers, ze verdwijnen dralend
je vindt ze somtijds nog in oude fotodozen
onder paternosters en vergeelde prenten van overgrootvaders
die niemand meer ken
Geen opmerkingen:
Een reactie posten